Als interimmer vervul je meestal een ‘gap’. Vaak vervang je iemand die met zwangerschapsverlof is, ben je een soort tussenpaus totdat de werving voor een nieuwe vacature is afgerond of word je ingezet als iemand wat langer moet herstellen bij ziekte.

Ziektevervanging

Een paar jaar geleden zat ik op een opdracht waar ik iemand verving die ziek was. Ik kende de persoon (een hem, laten we zeggen Hans), in eerste instantie nog niet. Hij had wel navraag naar mij gedaan en via via kreeg ik te horen dat Hans gevraagd had: ‘Heeft ze ook een knotje?’ Het werd wat terloops gezegd en omdat ik op dat moment druk was met andere dingen, ging het wat langs me heen en vroeg ik niet verder. Later in de auto popte de zin ‘Heeft ze ook een knotje?’ opeens weer bij me op.

Nooit denken dat je weet wat iemand denkt

Je weet natuurlijk nooit wat iemand over je denkt en ook al weet je dat je nooit moet gaan denken wat iemand zou denken – en al helemaal niet iemand die je niet kent – de geest kanĀ rare bokkensprongen maken. Ik vertelde het verhaal over het knotje tegen mijn geliefde en zei: ‘Vind jij mij tuttig’? Er kwam niet meer dan een lauw antwoord: ‘Neu’. Vervolgens ging ik met de gedachte dat ik misschien door andere mensen tuttig gevonden zou worden aan de haal. ‘Moet ik misschien hippere kleren op het werk dragen of ook eens een spijkerbroek?’ ‘Een spijkerbroek zou ik niet doen’, dat past niet bij een interimmer’ zei de man.

Een half jaar later

Er ging misschien wel een half jaar overheen dat ik bij tijd en wijle dacht: ‘Oh ja, ik moet toch nog eens vragen hoe dat zit met dat knotje’. In een overleg met de ‘via via persoon’ dacht ik opeens, nu vraag ik het!
De dame die destijds de boodschap over het knotje overgebracht had, begon keihard te lachen. ‘Nee, joh, je bent helemaal niet tuttig. Ik vertelde Hans dat je uit Amsterdam kwam.’ En toen vroeg hij: ‘Heeft ze ook een knotje? ‘Want in Amsterdam hebben toch alle vrouwen zo’n hippe knot op hun hoofd?’

En zo was ik van tuttig opeens hip geworden…

Zelf ben je je grootste criticus

Vaak zijn we zelf onze grootste criticus en de meeste gedachten die we hebben zijn onderdeel van het verhaal dat we onszelf vertellen over wie we denken te zijn. Bovenstaande is een onschuldig voorbeeld maar soms kunnen gedachten behoorlijk in de weg zitten.

The work van Byron Katie

Byron Katie heeft in haar boek ‘The work’ geschreven over ondermijnende gedachten en hoe je daar verstrikt in kan raken maar daar ook los van kan komen. Als je last van je gedachten hebt, omdat ze misschien negatief zijn, experimenteer eens met de vier onderstaande vragen.

1. Is het waar?

2. Kun je absoluut weten dat het waar is?

3. Hoe reageer je, wat gebeurt er wanneer je die gedachte gelooft?

4. Wie zou je zijn zonder de gedachte?

Keer de gedachte om en vind 3 authentieke voorbeelden voor de omkeringen en kijk of die minder waar, net zo waar of meer waar zijn dan de oorspronkelijke zin.

Meestal kun je de gedachte op meerder manieren omdraaien.

Succes!