Nog goed herinner ik me dat de zoons twee jaar waren en volgens ‘de literatuur’ in de ‘peuterpubertijd’ kwamen. Wat vond ik dat grappig. Omdat ik ‘nee’ zeggen zelf lang moeilijk heb gevonden, omarmde ik het assertieve gedrag van mijn zoons. Ik vond het leuk om mee dat maken dat ze merkten dat ze ‘invloed’ konden uitoefenen door ‘nee’ te zeggen. De oudste combineerde het met volzinnen: ‘Mama, ik vind het niet fijn als je hard tegen mij praat’. De jongste was meer fysiek gericht en ging gewoon op de grond liggen en driftig doen als hij iets niet wilde of juist wel wilde.

Graag had ik er een dochter bij gehad maar de kans op een derde zoon was groot en misschien waren drie zoons ook wat veel van het goede.
Sinds kort heb ik er toch een soort van dochter bij. Ze woont in een tehuis in Wageningen. Ik ga af en toe bij haar langs en dan huppelt ze blij naar me toe, maakt een dansje, lacht veel en maakt graag grapjes.
Haar eigen ouders leven niet meer, hun dood was behoorlijk traumatisch en daarnaast heeft ze veel meegemaakt in haar leven.

Vrijdag ging ik weer even bij haar langs. Ik had gehoord dat ze schoenen nodig had en het liefst met klittenband zodat ze die zelf kon aantrekken.
Ik liep zelfverzekerd met twee schoenendozen onder mijn arm. Voor de zekerheid had ik twee verschillende maten meegenomen, zodat ik zeker wist dat de goede maat erbij zou zitten. Wat zou ze er blij mee zijn. Ik verheugde me op de lach op haar gezicht.

“Nee, die wil ik niet passen”, zei ze stuurs. Haar gezicht stond op onweer. “Het zijn trutschoenen, ik wil die schoenen niet.“
Ik voelde een sterke emotie bij me opkomen. Een rilling, vermengd met onmacht en teleurstelling. Ik vond dit niet grappig. Ik kan dit niet, misschien moet ik uit dit drama stappen, dacht ik bij mezelf. Het drama van slachtofferschap, aanklager en redder.

Ik besloot letterlijk bij haar weg te lopen, naar de leiding die koffie dronk met de gevulde speculaas die ik bij Stach in Amsterdam had gekocht en zei: “Ik heb nieuwe schoenen voor mijn moeder gekocht maar ze wil ze niet.”
”Kleding en schoenen waren altijd heel belangrijk voor mijn moeder en dit zijn echt mooie schoenen, goed leer, voetbed en passen overal bij!”

Een kordate dame stond op en liep naar mijn moeder toe.  In nog geen 2 minuten praatte ze mijn moeder in haar nieuwe schoenen. Het was natuurlijk haar vak en ook haar moeder niet en ze had geen last van de bijbehorende alles vertroebelende emoties. Mijn moeder was om en met een grote glimlach op haar gezicht zei ze: “Ze lopen toch wel lekker, alleen die pamper is zo nat!”

Ik ben twee en ik zeg nee. Zoons in de peuterpubertijd en nu in hun tienerjaren daar draai ik mijn hand niet voor om. Geef mij maar een elftal pubers, een lastig team of moeilijke mensen. Maar omgaan met een moeder met Alzheimer?  “That’s different cook”, zou Louis van Gaal zeggen. Daar zijn geen managementboeken voor geschreven. Toch put ik soms spontaan uit managementtheorieën en die zijn best helpend.

Meer weten over de dramadriehoek? Op onderstaand Youtube-filmpje wordt het mooi uitgelegd.